Selecteer een pagina

Meer omega-3-vetzuren en minder linolzuur in de voeding van zuigelingen en jonge kinderen beschermt ze tegen overgewicht op latere leeftijd.

Dat laat het proefschrift van Annemarie Oosting van het Universitair Medisch Centrum Groningen zien. De hoeveelheid linolzuur in voeding is de afgelopen decennia sterk toegenomen ten opzichte van omega-3-vetzuren.

Dit kan, zo blijkt uit eerdere studies, het stijgende aantal mensen met ernstig overgewicht verklaren.

Oosting onderzocht bij muizen of het tegenovergestelde, dus voeding met minder linolzuur en juist meer omega-3-vetzuur, het risico op obesitas op latere leeftijd verlaagt.

De promovenda veranderde de samenstelling van de moedermelk door de moedermuizen meteen op een dieet te zetten. Ze ontdekte dat de muizen met meer omega-3-vetzuren in hun voeding als ze eenmaal volwassen waren kleinere vetcellen hadden. De stofwisseling van de vetcellen verandert blijvend: de muizen slaan minder vet op en breken meer vet af.

Minder vetcellen
Ook bij de muizen die minder linolzuur in de voeding kregen, zag Oosting een positief effect op de vetcellen. Hoewel de cellen wel groter werden, waren er minder vetcellen ontwikkeld waardoor de muizen minder vet kunnen opslaan. Zowel meer omega-3-vetzuur als minder linolzuur leidt daarom tot een lagere vetmassa bij de volwassen muizen.

“Wanneer de bevindingen in mijn onderzoek worden bevestigd in mensen, geeft dit duidelijke richtlijnen voor het verbeteren van de kwaliteit van voedingsvetten in de periode van ontwikkeling van jonge kinderen. Het zou de basis kunnen zijn voor nieuwe strategieën om overgewicht en obesitas in een vroeg stadium te voorkomen door middel van eenvoudige aanpassingen in het voedingspatroon van zwangere en borstvoedende vrouwen, zuigelingen en jonge kinderen” zegt Oosting.

Bron: Gezondheidsnet.nl